Statuten van de Stichting JONIT

Naam, zetel en duur

Artikel 1.

De stichting draagt de naam : Stichting Jeugd Ondersteuning Nationaal en Internationaal Tafeltennis en wordt kortweg aangeduid als STICHTING JONIT. Zij is opgericht met kennisgeving aan de Nederlandse Tafeltennisbond (hierna te noemen: NTTB). De stichting heeft haar zetel in de gemeente Zoetermeer.

Doel

Artikel 2.

Het doel van de stichting is:
a. Het verlenen van financiële ondersteuning ten behoeve van spelers van de nationale jeugdselectie van de NTTB op schriftelijke voordracht van de verantwoordelijke bondscoach voor deelname aan een (internationaal) toernooi, trainingskamp, of een ander tafeltennisevenement, in die gevallen dat deelname niet mogelijk is door het ontbreken van financiële mogelijkheden van de NTTB; en

b. Contacten in stand te houden tussen de begunstigers van de stichting enerzijds en de betrokken bondscoaches, spelers en verantwoordelijke bestuurders van de NTTB.

Financiën

Artikel 3.

  1. De inkomsten van de stichting bestaan uit periodieke bijdragen van begunstigers, subsidies, erfrechtelijke makingen, schenkingen, inkomsten uit vermogen en andere verkrijgingen.
  2. Financiële ondersteuning ter uitvoering van de hoofddoelstelling van de stichting wordt verleend door het bestuur op schriftelijke voordracht van de verantwoordelijke bondscoach.

Begunstigers

Artikel 4.

Begunstigers van de stichting zijn natuurlijke personen en rechtspersonen die de stichting steunen met een jaarlijkse geldelijke bijdrage of een bijdrage in natura. Het bestuur van de stichting is bevoegd aan een geldelijke bijdrage een minimum te verbinden.

Bestuur

Artikel 5.

  1. Het bestuur bestaat uit minimaal vijf en ten hoogste zeven leden. In de benoeming van maximaal drie bestuursleden wordt voorzien door derden op de wijze als hierna vermeld. Het aantal leden wordt – met inachtneming van het in de vorige zin bepaalde – door het bestuur met algemene stemmen vastgesteld.
  2. Het bestuur (met uitzondering van het eerste bestuur, waarvan de bestuursleden in functie worden benoemd) kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester. Een bestuurslid kan meerdere functies vervullen.
  3. Eén bestuurslid wordt voorgedragen door het hoofdbestuur van de NTTB.
  4. Het bestuur is bevoegd bij nader vast te stellen een tweede lichaam te belasten met het voorzien in de benoeming van een derde bestuurslid.
  5. Bij het ontstaan van één (of meer) vacature(s) in het bestuur, zullen de overblijvende bestuursleden met algemene stemmen (of zal het enige overblijvende bestuurslid) binnen twee maanden na het ontstaan van de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming van een (of meer) opvolger(s). Bij een vacature in het bestuur van de zetels welke vervuld worden op de wijze als is bepaald in de leden 3 en 4 van dit artikel zal het bestuur het benoemende lichaam schriftelijk uitnodigen opnieuw in de vacature te voorzien. Het betreffende lichaam voorziet binnen twee maanden in vervulling van de vacature.
  6. Mocht(en) in het bestuur om welke reden dan ook één of meer leden ontbreken, dan vormen de overblijvende bestuursleden, of vormt het enig overblijvende bestuurslid, niettemin een wettig bestuur, behoudens het bepaalde in artikel 8.
  7. De leden van het bestuur genieten geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van de functie gemaakte kosten.

Bestuursvergaderingen en bestuursbesluiten

Artikel 6.

  1. De bestuursvergaderingen worden gehouden in de plaats van statutaire vestiging, dan wel in de plaats welke wordt aangegeven in de convocatie voor de vergadering.
  2. Ieder half jaar wordt tenminste één vergadering gehouden.
  3. Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden, wanneer de voorzitter dit wenselijk acht of indien één der andere bestuursleden daartoe schriftelijk of onder nauwkeurige opgave der te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt. Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg geeft in dier voege, dat de vergadering kan worden gehouden binnen drie weken na het verzoek, is de verzoeker bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste formaliteiten.
  4. De oproeping van de vergadering geschiedt – behoudens het in lid 3 bepaalde – door de voorzitter, ten minste zeven dagen vantevoren, de dag der oproeping en die der vergadering niet meegerekend, door middel van oproepingsbrieven, dan wel door een ander door het bestuur te bepalen wijze.
  5. De oproepingsbrieven vermelden, behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen onderwerpen.
  6. Zolang in een bestuursvergadering alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over aan alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen.
  7. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur; bij diens afwezigheid wijst de vergadering zelf haar voorzitter aan.
  8. Van het verhandelde in de vergadering worden notulen gehouden door de secretaris of door één van de andere aanwezigen, door de voorzitter daartoe aangezocht. De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en secretaris hebben gefungeerd.
  9. Het bestuur kan ter vergadering alleen dan geldige besluiten nemen indien de meerderheid zijner in functie zijnde leden ter vergadering aanwezig is of vertegenwoordigd is. Een bestuurslid kan zich ter vergadering door een medebestuurslid laten vertegenwoordigen op overlegging van een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter der vergadering voldoende, volmacht. Een bestuurslid kan daarbij slechts één medebestuurslid als gevolmachtigde optreden.
  10. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuursleden in de gelegenheid zijn gesteld schriftelijk of per telefax hun mening te uiten. Van een aldus genomen besluit wordt onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden door de secretaris relaas opgemaakt , dat na mede-ondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd.
  11. Ieder bestuurslid het heft recht tot het uitbrengen van één stem. Voor zover de statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden alle bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid der geldig uitgebrachte stemmen.
  12. Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming acht of één der stemgerechtigden dit voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
  13. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
  14. In geschillen omtrent stemmingen, niet bij de statuten voorzien, beslist de voorzitter.

Bestuursbevoegdheid en vertegenwoordiging

Artikel 7.

  1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
  2. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen.
  3. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt.

Artikel 8.

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting in en buiten rechte. De stichting kan daarnaast ook vertegenwoordigd worden door de voorzitter, dan wel twee andere, gezamenlijke handelende bestuursleden.
  2. Het bestuur kan volmacht verlenen aan één of meer bestuursleden, alsook aan derden, om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.

Einde bestuurslidmaatschap

Artikel 9.

Het bestuurslidmaatschap eindigt door:
a. Overlijden, onder curatele stelling, of faillissement, door aanvrage tot surséance van betaling en indien het bestuurslid het vrije beheer over zijn/haar vermogen verliest;
b. Bij het op eigen initiatief nemen van ontslag (bedanken);
c. Bij ongevraagd ontslag krachtens unaniem besluit van alle overige bestuursleden; en
d. Voor wat betreft het bestuurslid dat benoemd is op de wijze als hiervoor in artikel 5 leden 3 en 4 genoemd: door het intrekken van de benoeming door het betreffende lichaam.
Boekjaar en financieel overzicht

Artikel 10.

  1. Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar, behalve de eerste, dat loopt van de datum van oprichting van de stichting tot aan het einde van het volgende kalenderjaar.
  2. Binnen vier maanden na afloop van elk boekjaar wordt door het bestuur een financieel overzicht opgemaakt, omvattende de inkomsten en uitgaven in het afgelopen boekjaar, alsmede de stand van activa en passiva aan het eind van het boekjaar. Van dit overzicht wordt aan het hoofdbestuur van de NTTB ter kennisneming een afschrift verstrekt.
  3. Het financieel overzicht, bedoeld in lid 2, wordt door de penningmeester opgesteld en in de eerstvolgende bestuursvergadering behandeld. De instemming van het voltallige bestuur wordt opgenomen in het vergaderverslag en ten bewijze hiervan wordt het verslag ondertekend door alle bestuursleden.

Huishoudelijk reglement

Artikel 11.

  1. Op voorstel van de voorzitter of tenminste twee leden van het bestuur kan het bestuur een huishoudelijk reglement vaststellen, waarbij nader kunnen worden geregeld de werkverdeling tussen de leden van het bestuur, de wijze van vergadering en van oproeping van de bestuursvergaderingen en verder al hetgeen naar het oordeel van het bestuur nog regeling behoeft.
  2. Het huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de statuten. Het kan op gelijk voorstel als in het eerste lid is bepaald, door het bestuur gewijzigd worden.

Statutenwijziging, ontbinding

Artikel 12.

  1. Tot wijziging van de statuten alsmede tot ontbinding van de stichting kan slechts worden besloten in een vergadering van het bestuur nadat tenminste één maand van te voren het desbetreffende voorstellen schriftelijk aan alle leden van het bestuur , alsmede het hoofdbestuur van de NTTB en het bestuur van de VVTT is voorgelegd.
  2. Een geldig besluit tot statutenwijziging of ontbinding kan slechts worden genomen, indien vier vijfde van het aantal bestuursleden voor aanneming daarvan heeft gestemd.
  3. Een wijziging van de artikelen 2, 3, 5 lid 1, of 10 lid 2 treedt eerst in werking wanneer het hoofdbestuur van de NTTB en het bestuur van de VVTT aan het bestuur schriftelijk hebben medegedeeld tegen het besluit geen bezwaar te hebben. Indien het hoofdbestuur van de NTTB twee maanden nadat zij kennis hebben kunnen nemen van een besluit als bedoeld in dit lid, niet gereageerd hebben, wordt de NTTB geacht geen bezwaar te hebben.

Liquidatie

Artikel 13.

  1. In geval van ontbinding van de stichting zal de liquidatie geschieden door het bestuur in overleg met het hoofdbestuur van de NTTB.
  2. Tijdens de liquidatie blijven de statuten en de reglementen van de stichting zoveel mogelijk van toepassing.
  3. Aan het eventuele liquidatiesaldo wordt door het bestuur een bestemming gegeven overeenkomstig het doel van de stichting, dan wel overeenkomstig met het doel van de NTTB.

Algemene bepaling

Artikel 14.
In alle gevallen waarin de statuten of de reglementen van de stichting niet voorzien beslist het bestuur.